Oma

“Laura, wanneer ga je nog eens mee naar oma?”
“Ja, mama, ik weet het, maar het is gewoon zo druk. Volgende keer, echt.”

In de hectiek van het dagelijks leven schoot het bezoek aan mijn oma in het verre Limburg er al te vaak bij in. Te druk bezig met. Tja, met wat eigenlijk? Te druk bezig met opgeslorpt zijn door verbouwingen, schoolwerk, hobby’s, vrienden, zwanger zijn. Of gewoon door niets en alles tegelijkertijd. Waa sis toch, zou ze hoofdschuddend zeggen bij het horen van al die onzin.

Afgelopen zondag twijfelde ik nog. Of ik niet op een woensdag zou gaan, want ik moest nog verbeteren. Maar toen besefte ik dat oma mijn bolle buik nog niet gezien had en dat ik toch graag wou dat ze die kon zien. Haar 17de achterkleinkind op komst. Kon ik ineens een foto trekken van haar, ons ma, mezelf en de kleine meid in mijn buik. Een viergeslacht in wording.

Het werd een vrolijke, zonnige namiddag. Nonkel Paul, tante Cécile en nonkel Tjen waren er ook en oma was zichtbaar content. Twee drankjes en een ijsje later was het tijd voor haar om te gaan eten. Dè dan.

Een dag later was het blijkbaar tijd om te gaan. Dè dan.

Zo, opeens, uit het niets. Ik kan alleen maar denken hoe blij ik ben zondag gekozen te hebben voor familie in plaats van voor mezelf of mijn werk. Kozen we allemaal maar wat vaker voor familie.

Oma in enkele woorden? Dat kan. Toevallig beginnen ze zo goed als allemaal met een k. Zoals kranig. Of krachtig. En kordaat. De k van niet kapot te krijgen. Althans, dat dachten we. Zo goed als 95 jaar zonder klagen, zonder zever. Simpelweg rechttoe rechtaan, maar altijd met de nodige humor. En steevast een guitig lachje om de onnozeliteiten van haar grote kleinkinderen. Ik herken haar in haar dochters. Ze was geen knuffeloma, dat niet. Maar je wist dat ze blij of trots was, als ze op haar eigen manier een ietwat onbeholpen schouderklopje gaf of een goedkeurende grom liet ontsnappen. Want blij of trots was ze wel degelijk, op ons allemaal.

Een aantal flarden van herinneringen schieten me nu weer levendig te binnen. De honderden spelletjes Skip-Bo, de grappige uitspraken in het Brees dialect, de uren dat ik er katerend in de zetel hing en oma mopperend tegen mama hoor zeggen “Lig hét nu weer in de zetel?” Of oma die me flauw vindt omdat ik altijd de vervaldatum op de pot choco, mayonaise of mosterd zoek en niet meer wil eten van zodra die datum overschreden is. Aanstellerij, daar had ze het niet mee. Een verademing in deze tijd.

Vertrek maar naar opa nu en zet je naast hem neer op een terrasje in de zon. Samen, in een onwrikbaar stilzwijgend verbond. Tenzij je Skip-Bo aan het spelen bent natuurlijk, laat je dan nog maar eens helemaal gaan.

’t Is toch goed geweest, hé oma?

Dè dan.

2 Comments

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s